Energie besparen slimme LED verlichting

CO2-uitstoot van slimme lampen vs. gewone lampen in de woonkamer

Femke de Vries Femke de Vries
· · 5 min leestijd

Stel je voor: je zit lekker op de bank, pakt je smartphone en dimt de lampen naar een gezellige sfeer.

Inhoudsopgave
  1. Wat stoot een gewone lamp nou eigenlijk uit?
  2. LED-verlichting: de grote vooruitgang
  3. Maar wat zijn slimme lampen eigenlijk?
  4. De vergelijking: slimme lampen vs. gewone LED
  5. Maar slimme lampen zijn toch ook zuiniger?
  6. De woonkamer: waar het allemaal om draait
  7. Conclusie: slim kiezen is het halve werk

Het voelt als de toekomst, maar stel je eens voor dat die slimmige lampen eigenlijk méér CO2 uitstoten dan je oude vertrouwde peertje in de plafonnière. Klinkt gek? Het is een stuk genuanceerder dan je denkt. Laten we er eens goed induiken.

Wat stoot een gewone lamp nou eigenlijk uit?

Laten we beginnen bij het begin. Een traditionele gloeilamp — die ken je misschien nog van opa en oma — verbruikt gemiddeld 60 watt en duurt zo'n 1.000 uur.

Dat klinkt niet heel erg, maar reken het even uit: als je zo'n lamp vier uur per dag aan hebt, verbruik je per jaar ongeveer 87 kilowattuur. En dat kost je stroomrekening dus ook nog eens. Maar het echte probleem zit in de CO2-uitstoot.

In Nederland komt gemiddeld stroom voor ongeveer 40% uit fossiele bronnen. Dat betekent dat die ene 60-watt gloeilamp per jaar zo'n 35 kilogram CO2 uitstoot.

En dan hebben we het nog niet eens over de productie van de lamp zelf, het transport, of de verpakking. Gelukkig zijn gloeilampen bijna uitgefaseerd. Maar veel mensen hebben nog steeds halogeenlampen of spaarlampen hangen.

Een halogeenlamp van 42 watt stoot per jaar ongeveer 24 kilogram CO2 uit. Een spaarlamp (CFL) van 13 watt doet het met zo'n 8 kilogram CO2 per jaar al een stuk beter. Maar de echte gamechanger? LED.

LED-verlichting: de grote vooruitgang

Een LED-lamp van 9 watt geeft evenveel licht als een oude 60-watt gloeilamp.

En het verschil in energiegebruik is enorm: per jaar stoot een LED-lamp slechts zo'n 6 kilogram CO2 uit, bij vier uur gebruik per dag. Dat is minder dan een vijfde van een gloeilamp en drie keer minder dan een halogeenlamp.

Daarbij gaat een LED-lamp 15.000 tot 25.000 uur mee. Ter vergelijking: een gloeilamp gaat 1.000 uur. Dat betekent dat je met één LED-lamp vijftien tot vijfentwintig gloeilampen bespaart. Minder productie, minder transport, minder afval.

De totale CO2-footprint over de levensduur is daarmee dramatisch lager. Volgens de Rijksoverheid en Milieu Centraal bespaar je door over te stappen op LED al snel 50 tot 80 euro per jaar op je energierekening, afhankelijk van hoeveel lampen je hebt.

En dat terwijl je tegelijkertijd je CO2-uitstoot flink verlaagt.

Maar wat zijn slimme lampen eigenlijk?

Slimme lampen — denk aan merken als Philips Hue, IKEA TRÅDFRI of LIFX — zijn in principe ook LED-lampen.

Maar ze hebben een extra slimme chip ingebouwd waarmee je ze via je telefoon, spraakassistent of afstandsbediening kunt bedienen. Je kunt ze dimmen, van kleur veranderen, en zelfs instellen dat ze automatisch aan en uit gaan. En hier zit het addertje onder het gras: die slimme chip verbruikt ook energie.

Zelfs als de lamp "uit" is, blijfje er een klein stroompje door lopen. Dat noem je stand-byverbruik.

Bij een Philips Hue-lamp is dat gemiddeld 0,1 tot 0,5 watt in stand-by.

Dat klinkt verwaarloosbaar, maar als je tien slimme lampen in huis hebt die 24 uur per dag op stand-by staan, dat wordt toch 44 tot 219 kilowattuur per jaar. Dat is meer dan sommige mensen met hun oude gloeilampen gebruikten.

De vergelijking: slimme lampen vs. gewone LED

Laten we het even op een rijtje zetten. Een gewone LED-lamp van 9 watt, vier uur per dag aan, stoot ongeveer 6 kilogram CO2 per jaar uit.

Een vergelijkbare slimme LED-lamp stoot door het stand-byverbruik en het iets hogere actieve verbruik (vaak 10 à 11 watt) ongeveer 8 tot 10 kilogram CO2 per jaar uit.

Het verschil per lamp is dus "slechts" 2 tot 4 kilogram CO2 per jaar. Maar in een gemiddeld huis met vijf tot tien slimme lampen in de woonkamer en daarbuiten, kan dat oplopen tot 20 tot 40 kilogram extra CO2 per jaar. Ter vergelijking: bekijk hier de CO2-uitstoot van slimme lampen vs. gewone lampen, dat is ongeveer hetzelfde als een autoritje van 150 kilometer.

En dan hebben we het nog niet gehad over de productie van slimme lampen. Die slimme chips, de Wi-Fi-modules, de app-ontwikkeling — dat kost extra grondstoffen en energie. De productiefase van een slimme lamp heeft naar schatting 1,5 tot 2 keer zoveel CO2-uitstoot als een gewone LED-lamp.

Maar slimme lampen zijn toch ook zuiniger?

Hier wordt het interessant. Slimme lampen hebben namelijk een groot voordeel: je kunt ze veel beter beheren.

Je kunt ze automatisch laten uitschakelen als je de kamer verlaat, ze dimmen wanneer er genoeg daglicht is, of ze alleen laten branden waar je ze nodig hebt. Uit onderzoek van onder meer de Universiteit van Utrecht blijkt dat huishoudens met slimme verlichting gemiddeld 15 tot 30 procent minder energie verbruiken voor licht dan huishoudens met gewone LED-lampen. Dat komt doordat je als mens gewoon vergeet uit te schakelen, maar een slimme installatie dat niet vergeet.

Dus als je slimme lampen écht slim gebruikt — met sensoren, timers en automatische uitschakeling — dan kan de totale CO2-uitstoot over de hele levensduur juist lager uitvallen dan bij gewone LED-lampen. Het is dus geen kwestie van wel of niet slim, maar van hoe je het gebruikt.

De woonkamer: waar het allemaal om draait

De woonkamer is de kamer waar we het meeste licht gebruiken. Gemiddeld staat de verlichting in de woonkamer vier tot zes uur per dag aan.

Dat is meer dan in slaapkamers of keukens. Als je dus één kamer kiest om slim te maken, kies dan de woonkamer. Maar je hoeft niet meteen alle lampen te vervangen. Begin met één of twee slimme lampen en gebruik ze slim.

Combineer ze met een bewegingssensor of een slimme schakelaar. Zo haal je het maximale uit je investering, zowel voor je portemonnee als voor het milieu.

Conclusie: slim kiezen is het halve werk

De korte versie? Een gewone LED-lamp is al een enorme verbetering ten opzichte van oude verlichting.

Een slimme lamp is technologisch gezien iets minder zuinig door het stand-byverbruik, maar als je hem slim gebruikt, weer dat verschil goedmaakt en zelfs overtreft.

De echte winst zit niet in de lamp zelf, maar in hoe jij hem gebruikt. Want het zuinigste licht is nog steeds het licht dat niet brandt. Maar als het moet branden, kies dan voor LED — en maak het zo slim mogelijk.


Femke de Vries
Femke de Vries
Expert in duurzame verlichtingstechnologie

Femke adviseert bedrijven over energiezuinige LED oplossingen en slimme verlichting systemen.

Meer over Energie besparen slimme LED verlichting

Bekijk alle 36 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Hoeveel energie bespaar je met slimme LED-verlichting in de woonkamer?
Lees verder →